Monitor voor het landschap

Tijdens de vandaag (woensdag 31 maart) gehouden eerste landelijke NOVI-Conferentie is de Monitor Landschap gepresenteerd. De monitor brengt veranderingen van het Nederlandse landschap in beeld aan de hand van zes indicatoren: bebouwing, landgebruik, openheid, opgaand groen, historische lijnelementen en reliëf.

In de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) is vastgelegd dat bij ontwikkelingen de kwaliteiten van een gebied centraal moeten staan. Op die manier werkt Nederland aan een landschapsinclusief omgevingsbeleid. De Monitor Landschap behoort tot de instrumenten die hieraan moeten gaan bijdragen.

Ontwikkelaars

De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE), Het Kadaster, LandschappenNL en de Wageningen University hebben de monitor ontwikkeld in opdracht van de ministeries van BZK (Binnenlandse Zaken), OCW (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) en LNV (Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit).

De afgelopen jaren is er steeds meer maatschappelijke en politieke aandacht voor landschappelijke kwaliteit. Zorgen over de teloorgang en verschraling van het landschap nemen toe, terwijl de waardering ervoor alleen maar groter wordt.

Het landschap bevat volgens de vier ontwikkelaars van de monitor zichtbare sporen van het verleden en geeft een gevoel van verbondenheid. De vraag hoe we het landschap herkenbaar en aantrekkelijk houden wordt steeds evidenter.

Ruimtelijke transities en opgaven

De urgentie om te werken aan een leefomgeving waarin landschappelijke kwaliteiten centraal staan, wordt naar het oordeel van de vier partners versterkt door de grote ruimtelijke transities en opgaven die de komende jaren op Nederland afkomen.

Denk aan de bouw van (mogelijk) een miljoen woningen en het grootschalig opwekken van nieuwe energie. Maar ook aan het versterken van de natuur en het circulair maken van de landbouw.

Almaar meer wordt gebouwd in landelijk gebied, van zonneparken tot megastallen terwijl karakteristieke landschapselementen zoals houtwallen verdwijnen.

Nul-situatie

In de Monitor Landschap is nu de nul-situatie vastgelegd van alle zes voornoemde indicatoren. Door jaarlijks de nieuwe metingen te vergelijken met het jaar ervoor, zijn de veranderingen te volgen.

Zo beschikt Nederland de komende jaren over objectieve en telkens actuele informatie over de veranderingen van het landschap. Daarmee kunnen betrokkenen en beslissers het inhoudelijke gesprek voeren: hoe ontwikkelt het landschap zich? En hoe maken we de juiste keuzes?

Ook kan achteraf worden teruggekeken wat de effecten in het landschap zijn geweest van genomen besluiten en kan het beleid eventueel worden aangepast.

Duiding en advisering

Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) gaat de gegevens vanuit de Monitor Landschap duiden.

Het PBL verwerkt zijn bevindingen elke twee jaar in een zogenoemde NOVI-rapportage, waarin de ‘staat van het landschap’ wordt opgenomen. In het tussenliggende jaar geeft het planbureau een uitgebreidere landschapsrapportage uit, waarin wordt ingegaan op een specifiek ruimtelijk thema.

Foto: Datacenter in de polder (foto Siebe Swart).

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.