Amsterdam: nog ruim 220 wandkunstwerken (1945-1975)

Al voor, en helemaal ná het raadsinitiatief, houdt wandkunst de Amsterdamse gemoederen bezig. Naoorlogse monumentale wandkunst is bijzonder en het beschermen waard. Dat vinden steeds meer mensen, zo bleek begin december op een symposium.

Vóór het initiatief van de Amsterdamse gemeenteraad uit 2016 gebeurde er al veel rond zogenoemde aard- en nagelvaste ofwel gebouwgebonden kunst. Naoorlogse monumentale wandkunst is kwetsbaar en verdween vaak, simpelweg omdat het gebouw waar het bij hoorde, gesloopt werd. Dan keken ontwikkelaars, architecten en zelfs gemeenten vaak niet naar de kunstwerken die in of aan het gebouw zaten. Vooral bij niet-monumentale panden uit de wederopbouwperiode (1945-1970) hadden vaak alarmbellen moeten gaan rinkelen. Maar juist voor die gebouwen viel vaak het doek. En juist bij die gebouwen bleef het vaak (te) stil. Zo verdween in Nederland heel veel wandkunst. Betrekkelijk geruisloos – totdat erfgoedorganisaties, stichtingen, kunstenaars en uiteindelijk ook de overheid er aandacht voor kregen.

Gebouwgebonden

(Amsterdamse) Naoorlogse monumentale wandkunst kent een interessante geschiedenis. Iedereen weet dat na de Tweede Wereldoorlog een ware bouwexplosie plaatsvond.

In Amsterdam werden de Westelijke Tuinsteden aangelegd en door de hele stad werd het ene na het andere gebouw en bouwblok uit de grond gestampt. Met de woningbouw werden scholen en andere openbare voorzieningen neergezet. Daarbij werd de zogeheten percentageregeling ingevoerd: 1,5 procent (later 1 procent) van de totale bouwsom van overheidsgebouwen werd gereserveerd voor kunst. Kunstenaars werkten samen met of in opdracht van de architect en hun werken sloten aan op (de functie van) het gebouw. Honderden ‘aard- en nagelvaste’ (fysiek met het gebouw verbonden) wandschilderingen, beton- en baksteenreliëfs, mozaïeken, sgraffito’s, tegeltableaus, tegelvloeren en glasappliqués werden gemaakt. In Amsterdam vaker dan gemiddeld in écht publieke gebouwen, zoals scholen.

‘Top’: 100

Een van de acties die voortkwam uit het raadsinitiatief is een inventarisatie van nog aanwezige naoorlogse monumentale wandkunst in Amsterdam. Daaruit bleek dat de stad nog ruim 220 wandkunstwerken (1945-1975) rijk is. De inventarisatie is uitgevoerd door Norman Vervat en Yteke Spoelstra.

De werken zijn door een klankbordgroep gewaardeerd. Hierbij is onderscheid gemaakt tussen ‘top’- ‘belangrijke’ en ‘behoudenswaardige’ werken. Hoewel alle kunstwerken aandacht verdienen, is de ‘top’ – en dat zijn er al zo’n 100 – het deel waar de focus nu op ligt. Maar delen waar het om gaat en waarom het belangrijk is, blijkt het belangrijkst. Als het draagvlak groot is, wordt de uitspraak ‘onbekend maakt onbemind’ achterhaald – zo is de gedachte. De informatie over de wandkunst is daarom digitaal beschikbaar gesteld. Zo kunnen bijvoorbeeld collega’s zien waar die prachtige werken zijn en of zij met hun project een kunstwerk ‘raken’. Maar ook inwoners kunnen ontdekken wat dat bijzondere ding is, dat zij in hun buurt aan een gebouw hebben hangen.

Nog werk aan de winkel

Er zijn dus stappen gezet – nu ook door de gemeente Amsterdam. De successen mogen worden gevierd, maar er is nog altijd werk aan de winkel. Er is een grote groep ervaringsdeskundigen en er zijn vele andere relevante partijen met kennis ‘in het veld’. En het veld wordt groter.

Opmerkelijk genoeg blijken bijvoorbeeld juist eigenaren vaak geen weet te hebben van het bijzonders waar ze ‘op zitten’. Ook die eigenaren zijn nu op te sporen.

Erfgoed van de Week

In de rubriek Erfgoed van de Week staat elke week een bijzondere archeologische vondst, vindplaats, voorwerp, monumentaal gebouw of historische plek in de hoofdstad centraal.

Via de website amsterdam.nl/erfgoed, Twitter @erfgoed020 en Facebook Monumenten en Archeologie delen erfgoedexperts van Monumenten en Archeologie het erfgoed van de stad met Amsterdammers én overige geïnteresseerden.

Foto: Mozaïek Piet Mondriaanstraat 140 (foto gemeente Amsterdam).