Steeds minder kleine boerenbedrijven

Ruim de helft (59 procent) van de Nederlandse landbouwbedrijven waarvan de boer 55 jaar of ouder is, heeft geen opvolger. Het betreft vooral kleine tot zeer kleine bedrijven. Hoe groter de onderneming, des te groter de kans op opvolging.

Dat meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) op basis van voorlopige cijfers van de Landbouwtelling 2020.

Vorig jaar telde Nederland meer dan 52.000 boerenbedrijven, veelal familie-eigendom, waarvan ruim 27.000 met een zogeheten bedrijfshoofd van 55 jaar of ouder. Daarvan hadden er circa 11.000 een opvolger, 16.000 niet.

‘Ruimte voor nieuwe functies’

Ook Agrarisch Erfgoed Nederland (AEN), de koepel van 16 boerderijenstichtingen, signaleert de groeiende trend van het ontbreken van een opvolger in het boerenbedrijf.

“Als zo’n situatie leidt tot bedrijfsbeëindiging en leegstand van agrarische gebouwen, is het zaak alle ruimte te geven aan de stoppende boer of nieuwe eigenaar om in de gebouwen nieuwe functies te ontwikkelen”, zegt woordvoerder Ewoud van Arkel.

Economisch verantwoorde herbestemming is volgens hem de beste manier om de boerderij en de bijgebouwen te behouden. “Om zodoende de ruimtelijke kwaliteit en de dynamiek van het platteland te bevorderen”.

Bed and breakfast/zorgboerderij

Worden kleine boerderijbedrijven wel voortgezet, dan is dat volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek op het ogenblik vaak met extra bronnen van inkomsten, zoals een bed and breakfast of als zorgboerderij.

Maar het merendeel wordt niet overgenomen; de onderneming wordt dan beëindigd. “Het platteland is aan het ontboeren”, constateert een CBS-woordvoerder. “Er wonen inmiddels meer burgers dan boeren”.

Melkveebedrijf populairst

De animo voor overname is het grootst bij melkveehouders. Bijna tweederde van dat soort bedrijven had in 2020 een opvolger beschikbaar. Daarmee is in die sector de interesse voor overname anderhalf keer zo groot als op een doorsnee landbouwbedrijf, aldus het CBS.

Ook voor geitenbedrijven is de belangstelling groot. Voor 54 procent ervan stond een bedrijfsopvolger klaar. De minste animo was er voor schapenbedrijven (19 procent).

Flevoland en Limburg

Boerderijen in de noordelijke provincies hebben vaker een bedrijfsopvolger dan landbouwbedrijven in het zuiden.

In Flevoland was vorig jaar voor ruim de helft (55 procent) van de land- en tuinbouwbedrijven met een bedrijfshoofd van 55 jaar of ouder een opvolger beschikbaar. Het aantal opvolgers was het kleinst in Limburg (34 procent).

De opvolging van melkvee- en akkerbouwbedrijven is volgens het CBS met achtereenvolgens 76 procent en 55 procent het best geregeld in de provincie Flevoland.

Foto: Leegstaande boerderij in Twente onder Denekamp (foto Ewoud van Arkel).

1 thought on “Steeds minder kleine boerenbedrijven

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.